Rendement, een te smalle basis voor onderwijs. 

Het economisch rendement is een te smalle basis voor ‘goed onderwijs’ en een goed curriculum. Dat betekent echter niet dat we het automatisch eens worden over een alternatief. Dit vraagt om een dialoog over gedeelde waarden, die zorgvuldig gevoerd moet worden. In de jaren ’90 ging het publieke debat over onderwijs vooral over de organisatie van het onderwijs. Daarop volgde in de jaren ’00 een heftige strijd om de vorm van het onderwijs. Sinds enige jaren staat de inhoud van het onderwijs in het middelpunt van de belangstelling. De belangrijkste vraag die daarbij wordt gesteld, is of het huidige curriculum voldoende aansluit op de huidige maatschappij, en vooral die van de toekomst. Hieronder ligt een belangrijker vraag verborgen, namelijk: wat vinden wij goed onderwijs? In deze blogpost wil ik een bijdrage leveren aan het gesprek over onderwijsvernieuwing en curriculum ontwikkeling.

21st century skills

Het huidige debat over de actualisatie van het Nederlandse onderwijs heeft als belangrijk aangrijpingspunt dat er sinds de 19e eeuw niets wezenlijks veranderd is. Dat dit niet past bij de 21e eeuw, de studenten en de samenleving klinkt aannemelijk. Wanneer je deze ‘21e eeuwse vaardigheden’ op een rijtje zet, blijkt dat de meeste hiervan ook al in de oudheid belangrijk werden geacht. Dan zouden we het over ‘4e eeuw voor Christus’-vaardigheden moeten hebben, maar dat klinkt wat minder toekomstgericht.
rendement een te smalle basis

Toch blijft het probleem duidelijk voelbaar: het huidige onderwijs voldoet in allerlei opzichten niet meer. Als we ons grondig willen beraden op hoe we ons huidige onderwijs kunnen verbeteren, dan ontkomen we er niet aan, ook naar het curriculum te kijken. Niet voor niets wordt er al op allerlei manieren aan gesleuteld, door vakken samen te voegen en leerlijnen te maken. Wat echter vaak ontbreekt is een fundamenteel gesprek over het waarom en waartoe van het curriculum.
Het curriculum wordt vaak gezien als de omschreven hoeveelheid kennis en vaardigheden die wordt aangeboden op de opleiding. Ofwel het doel waar studenten naartoe moeten werken. Letterlijk betekent curriculum echter: ‘doorloop’, ofwel parcours. Het curriculum gaat dus vooral over de weg ernaar toe. Het gaat veel meer over het pad dat studenten volgen tijdens het leren in plaats van hoeveelheden kennis en vaardigheden. Het zou goed zijn dit perspectief voor ogen te hebben bij het ontwikkelen van onderwijs en de dialoog daarover.

waardensysteem

Vaak lijkt de discussie over onderwijsvernieuwing en curriculum ontwikkeling vooral te gaan over het mogelijk economisch succes van studenten, en de bijdrage die ze kunnen leveren aan de Nederlandse economie. Deze benadering is wat mij betreft wat eenzijdig en beperkt, te instrumenteel. Wanneer zo veel mogelijk geld verdienen het belangrijkste motief wordt voor ‘goed onderwijs’ verliezen we pedagogische waarden uit het oog. Deze waarden hebben betrekking op de benadering van de student. Over het algemeen zijn het belangrijke, specifieke kenmerken waarmee beoogd wordt recht te doen aan de eigen motivatie, verantwoordelijkheid en intrinsieke ontwikkelingsbehoefte van de student.

gezamenlijke taal

Dat er grote verschillen van inzicht bestaan over de uitgangspunten en de uitwerking van het huidige liberaal economisch georiënteerd denksysteem, mag duidelijk zijn. Het is echter nog steeds zo dat de behoefte van de huidige generatie studenten aan goed onderwijs verder reikt dan alleen kennis en vaardigheden. Het lastige hierbij is, dat we niet meer kunnen terugvallen op vertrouwde kaders om aan te geven wat belangrijk is. De kunst is om opnieuw een gezamenlijke taal te vinden. We worden geconfronteerd met de uitdaging om in lossere, en vaker wisselende verbanden nieuwe woorden te geven aan wat we van belang vinden in goed onderwijs. Daarvoor hebben we een nieuwe taal nodig. De discussie over een eventuele herziening van het curriculum brengt de behoefte aan die gezamenlijke taal scherp aan het licht.

One thought on “Rendement, een te smalle basis voor onderwijs. 

  1. Wim says:

    Het is de maakbaarheidsgedachte tegenover de levenskunst, twee ogenschijnlijk tegengestelde werelden die onderwijs met elkaar kan verbinden. Als onderwijs gaat leren van de toekomst (theorie U, Otto Scharmer) dan ontdekken we gezamenlijke nieuw verbinden taal, waarmee we onze jeugd duurzame toekomst kansen bieden.

    Like

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s